MISSER ME-FONDS Prijs voor artikel over cognitieve gedragstherapie niet in belang van ME-patiënten Tijdens het symposium 'Ziek van vermoeidheid' op 24 april j.l. heeft het ME-Fonds twee prijzen uitgereikt. De tweejaarlijkse ME-Award voor excellent of veelbelovend onderzoek op het gebied van ME/CVS ging naar professor Leonard Jason (DePaul University, Chicago). Een goede keuze, ook naar de mening van de Steungroep ME en Arbeidsongeschiktheid, gezien het baanbrekende en degelijke ME-onderzoek van deze wetenschapper. Daarnaast werd een prijs voor de beste wetenschappelijke publicatie over ME/CVS toegekend aan Judith Prins, hoofdauteur van het artikel "Cognitive behavior therapy for chronic fatigue syndrome: a multicentre randomised controlled trial" dat begin 2001 in The Lancet werd gepubliceerd. Volgens de Wetenschappelijke Adviesraad van het ME-Fonds is het artikel degelijk, vernieuwend, van belang voor de behandeling van CVS en van grote wetenschappelijke waarde. De Steungroep is geschokt door de toekenning van deze prijs voor dit artikel. Wij zijn van mening dat op de degelijkheid van het onderzoek veel aan te merken is. Zo is een deel van de selectiecriteria genegeerd, waardoor de onderzochte groep niet alleen uit ME-patiënten bestond en zijn de meest zieke patiënten buiten het onderzoek gehouden. Ook is onduidelijk of de vermeende effecten van de therapie duurzaam zijn en zijn alleen moeheid en functionele beperkingen onderzocht en geen andere klachten en symptomen. Verder hebben wij erop gewezen dat maar liefst 40 procent van de patiënten, die de onderzochte vorm van cognitieve gedragstherapie (CGT) heeft ondergaan, de behandeling niet voltooide en dat de gegevens van deze uitvallers op een betwistbare wijze in de resultaten zijn verwerkt, waardoor het effect van de therapie kan worden overschat. Veel wetenschappers en medici op het gebied van ME/CVS (o.a. Carruthers et al, Chaudhuri, Goudsmit, Shephard, Vermeulen) hebben soortgelijke kritiek geuit. Vernieuwend kan het artikel al evenmin genoemd worden. Eerdere studies (o.a. Lloyd et al, Sharpe et al, Deale et al, Friedberg en Krupp) hadden betrekking op soortgelijk onderzoek. Dit alles maken de in het artikel getrokken conclusies over het belang van deze therapie voor de behandeling van ME/CVS discutabel. Door stilzwijgend aan de inhoud van deze kritiek voorbij te gaan en te verklaren dat het artikel degelijk en van grote wetenschappelijke waarde is zet het ME Fonds het ME-onderzoek naar onze mening op een verkeerd spoor. In een toespraak voorafgaande aan de toekenning van de prijs stelde het ME-Fonds dat zij geen patiëntenorganisatie is. Dat neemt een medeverantwoordelijkheid van het Fonds ten opzichte van patiënten echter niet weg. De Nijmeegse onderzoeksgroep, waarvan de bekroonde auteur deel uitmaakt, ziet ME/CVS als een aandoening, die slechts in stand gehouden wordt door verkeerde gedachten en verkeerd gedrag. De onbescheiden wijze waarop deze groep de door haar ontwikkelde vorm van CGT propageert blijkt in de praktijk op grote schaal te leiden tot een verkeerde beeldvorming over ME-patiënten en hun belangen te schaden, zowel op medisch gebied als bij het verkrijgen van de nodige hulp, voorzieningen en een arbeidsongeschiktheidsuitkering. Daarvoor mag ook het ME-Fonds de ogen niet sluiten. Namens het bestuur van de Steungroep ME en Arbeidsongeschiktheid: Ynske Jansen, voorzitter Michael Koolhaas, bestuurslid